20.05.2026
Boerenbond en Natuurpunt sloegen de handen in elkaar tegen de ruimtelijke wanorde. De Vlaamse coalitie deed er achtenveertig uur over om die eensgezindheid weer te slopen.
Nadat eeuwige aartsrivalen - Boerenbond en Natuurpunt - donderdag tegen alle verwachtingen in beslisten om voor één dossier de strijdbijl te begraven, leek de weg open voor een eerste politieke overwinning van Jo Brouns als minister van Omgeving. Het middenveld bood de minister een eerste, voorzichtige stap aan tegen de ruimtelijke wanorde op het Vlaamse platteland. Geen revolutie, geen afschaffing — slechts een heffing. The bare minimum in Gen Z-termen.
De zogenaamde fermettes — zonevreemde woningen — waren het doelwit. Al decennia worden voormalige landbouwbedrijven omgebouwd tot villa's in het groen, vaak door welstellende stedelingen op de vlucht voor de drukte van de stad. Gekoppeld aan het structurele gebrek aan opvolging in onze landbouw, wordt het probleem zichtbaar: stoppende landbouwers verkopen hun bedrijfswoning als pensioenpotje aan een prijs die de startende boer niet kan ophoesten.
Elke zonevreemde woning is bovendien een rekening voor de samenleving: hoe verder van de kern, hoe verder de overheid riolering, elektriciteit en openbaar vervoer moet uitrollen. Die kosten lopen op tot in de miljarden. Dat dezelfde voorzitters die ons week na week voorhouden dat het geld op is, daar niet aan willen raken, is op zijn minst hypocriet.
Brouns was vrijdagochtend nog voorstander van het initiatief van de middenveldorganisaties. Zijn coalitiepartners evenzeer. N-VA is al langer voorstander van het aanpakken van zonevreemde toestanden - de partij diende vorig jaar zelfs een conceptnota in om de ruimtelijke wanorde aan te pakken. Ook Vooruit was te vinden voor het voorstel en positioneerde zich als verdediger van de Vlaamse open ruimte. Het besluitvormingsproces verliep zoals in de handboeken: signalen vanuit het veld, agenda-setting door het brede middenveld en - misschien wel het allerbelangrijkste - politieke durf bij de beleidsmakers. Of toch maar voor 24 uur, want Matthias Diependaele veegde het voorstel van tafel zonder er ook maar enige aandacht aan te schenken. Het middenveld bleek, voor deze zoveelste keer deze legislatuur, totaal onbelangrijk voor de NV-A, zowel federaal als Vlaams.
Jo Brouns besefte op dat moment dat een nieuwe taks invoeren, in tijden waarin men het woord "belasting" amper nog in de mond durft te nemen, hem zou kunnen achtervolgen voor de rest van zijn carrière — denk maar aan de Turteltaks die Turtelboom nooit van zich af heeft kunnen afschudden. Dat besef leidde tot een bocht waar zelfs Max Verstappen jaloers op zou zijn. "Geen haar op mijn hoofd," verklaarde Brouns, denkt eraan om een belasting in te voeren voor wie op het platteland woont. Vooruit zag op datzelfde moment in dat doorduwen geen zin meer had en wees (goedkoop) met de vinger naar de boeren. "Beter fermettes dan megastallen," klonk de inhoudsloze samenvatting. Want wie durft er in mei 2026 nog zijn vingers branden aan een extra belasting?
Maar laten we niet stilstaan bij wat in Brussel sneuvelt. Het echte nieuws ligt elders: Boerenbond en Natuurpunt — generaties lang aartsrivalen — zaten voor het eerst naast elkaar aan tafel en ontdekten in twee dagen dat ze elkaar nodig hebben om de open ruimte te beschermen. Het Vlaamse middenveld verenigt zich, enkel spijtig om aan te zien dat deze regering er alles aan doet om het opnieuw uit elkaar te spelen…